Technologie is nodig, maar zorg is en blijft mensenwerk

Steeds meer ouderen willen langer zelfstandig blijven. Daarnaast zal de zorg in toenemende mate te maken krijgen met personeelskrapte. Zorgtechnologie wordt daarom steeds belangrijker. Maar, zo stelt Heidi de Bruijn van de RvB van Carintreggeland: “Technologie is een hulpmiddel. Wat moet veranderen is onze kijk op zorg.”

Hoe zie je die hang naar zelfstandigheid?

“De cliënt van de toekomst zal heel duidelijk de eigen regie willen behouden en zo lang mogelijk in de eigen omgeving willen blijven wonen. Mensen willen meer dan vroeger de vrijheid om zelf hun dag in te delen. Maar er is een verschil tussen ouderen van bijvoorbeeld 90 jaar en die van 60-70 jaar. De oudere generatie denkt over het algemeen nog vaak ‘Ik heb hulp nodig, dus iemand van de wijkverpleging komt mij verzorgen’. Of ze nu in hun eigen huis wonen of op een van onze locaties. Die groep is vaak ook minder bekend met de digitale wereld dan de jongere senioren. Als die over twintig jaar meer zorg nodig hebben, zijn ze al gewend aan digitale hulpmiddelen.”

Dat klinkt alsof jullie meerdere uitdagingen naast elkaar aangaan.

“We zullen meer mensen moeten ondersteunen met minder personeel. We zullen dus nog meer dan nu anders moeten gaan werken. Meer digitaal, maar ook meer ‘zorgen dat’ in plaats van ‘zorgen voor’. Wij brengen samen met de cliënt de ondersteuningsvraag in kaart, reiken hulpmiddelen aan en leren mensen die zelf te gebruiken. Bijvoorbeeld een oogdruppelbril, zodat ze hun ogen kunnen druppelen op het moment dat het de cliënt uitkomt en niet meer hoeven te wachten tot de wijkverpleging dat komt doen. Dat is dan ook het uitgangspunt in onze ambitie richting 2030. Waarbij we vanuit de gedachte van positieve gezondheid kijken naar wat voor mensen belangrijk is in het leven. Dus uitgaan van mogelijkheden in plaats van beperkingen.”

Dat vraagt om een verandering op een breed maatschappelijk vlak.

“Niet alleen bij ons, maar ook bij bijvoorbeeld de huisarts of het ziekenhuis. Bijna automatisch wordt gezegd ‘de wijkverpleging komt u vier keer in de week helpen’. Zonder, nu chargeer ik en doe daarmee heel veel artsen en verpleegkundigen natuurlijk te kort, te kijken naar de behoefte. Is die vier keer echt nodig? En net zo belangrijk: wil de cliënt dat? Dat is het gesprek dat we steeds meer gaan voeren. Daar waar we hulpmiddelen kunnen inzetten, gaan we dat bespreken. Kijken, leren, proberen. Lukt het niet, dan kijken we of een mantelzorger of familielid het kan. Lukt dat nog niet, dan komt professionele zorg in beeld. Dan komen onze collega’s. Die zorg blijft mensenwerk.”

Wat vraagt dat van zorgmedewerkers?

“We hebben voor de zorg gekozen omdat we van mensen houden en voor mensen willen zorgen. Veel verzorgenden zijn opgeleid vanuit het medische model: zorg bieden op basis van iemands beperkingen. De laatste jaren zijn we al bezig een omslag te maken om te kijken naar wat iemand nog wél kan. En wil. Want wie bepaalt er hoe vaak per week je wilt worden gewassen? Uiteindelijk de cliënt zelf. Daar gaan we nog meer op inzetten.”

Vraagt dat niet om meer maatwerk en daardoor juist om meer verzorgenden?

“Aansluiten op wat de cliënt belangrijk vindt en nodig heeft, betekent niet per se meer werk. In de eerste fase investeren we meer tijd om de zorgvraag in kaart te brengen. De winst zit in het traject daarna. In de zelfredzaamheid en de eigen regie van cliënten/burgers. Door mensen te leren zelf hun ogen te druppelen en een medicijndispenser te gebruiken bijvoorbeeld. Onze mensen bezoeken de cliënt dan vooral nog om te evalueren en te vragen hoe het gaat. Van lang niet alle zorg en ondersteuning die we nu verlenen is het nodig dat wij het doen. Met hulpmiddelen kan de cliënt heel veel zelf.”

Met een belangrijke rol voor digitalisering en zorgtechnologie?

“De ontwikkelingen gaan razendsnel. Over een paar jaar zijn er weer nieuwe hulpmiddelen die het mogelijk maken langer zelfstandig te blijven wonen en de eigen regie te behouden. Mijn ouders zijn 92 en 87 jaar, zij hebben bijvoorbeeld een infraroodlamp waarmee ze zich na het douchen kunnen drogen. Er komen steeds meer van dat soort hulpmiddelen. Wat is mooier dan met zulke technieken de zelfredzaamheid en behoud van eigen regie van mensen te vergroten? Ons team zorgtechnologie is continu bezig nieuwe middelen te vinden en toe te passen.”

"We hebben iedereen in de zorg hard nodig"

Zorgen voor levensechte baby Ellen.

Met hulp van technologie veilig en onafhankelijker leven.

De Wolk heupairbag voorkomt heupfracturen.

Welke rol speelt de Technologie & Zorg Academie, de TZA, daarbij?

“De TZA biedt hulpmiddelen die de kwaliteit van het leven vergroten. Van lichtgevende matjes voor op de grond tot middelen waar mensen rustiger van slapen. Bijvoorbeeld een deken die de hartslag volgt en slaapkussens die een ronkend geluid maken. Of incontinentiemateriaal dat voorzien is van een chip. De verzorgende krijgt dan een bericht op de telefoon dat het materiaal binnen een uur verschoond moet worden. Dat betekent dat we de cliënt alleen verschonen als het nodig is en hem of haar bijvoorbeeld veel minder hoeven te storen tijdens het slapen of andere bezigheden. De TZA voorziet duidelijk in een behoefte en werkt nauw samen met onze verpleegkundigen zorgtechnologie. Die gaan ernaartoe om te zien hoe technische snufjes werken en proberen ze in de praktijk uit door gebruik te maken van de uitleenservice. De enige verplichting is het schrijven van een review zodat anderen ook weten hoe iets in de praktijk werkt en voor wie het handig kan zijn. Zo leren de aangesloten organisaties veel van elkaar.”

Hoe is de TZA ontstaan?

“TZA is eind 2017 opgericht als coöperatie. Carintreggeland is een van de eerste leden, samen met Roessingh Research & Development, ROC van Twente, Livio, Loogisch, Loohuis Installatietechnieken en gemeente Enschede. Elke zorg- of onderwijsorganisatie en gemeente kan lid worden van de TZA. We hebben al heel veel leden en dat breidt zich gelukkig nog steeds uit. We hopen natuurlijk dat veel Twentse organisaties zich zullen aansluiten. Vijf jaar geleden heeft Carintreggeland de technische snufjes die onderdeel uitmaakten van ons ‘huis van de toekomst’, een modelappartement voor de toekomst van de zorg, ondergebracht in de TZA. De TZA heeft geen commercieel belang, de leden betalen contributie en we hebben twee grote subsidies. Die lopen beiden af dit jaar dus dat wordt nog een stevige uitdaging.”

Je noemde net ROC van Twente. Zijn binnen de zorgopleidingen veranderingen waar te nemen?

“De onderwijsvernieuwing is de laatste jaren echt in gang gezet. ROC van Twente biedt al een module zorgtechnologie en heeft samen met Saxion een practor die onderzoek doet naar technologie en digitalisering. Je ziet een duidelijke verschuiving naar meer technische vaardigheden. Er zal meer behoefte zijn aan mensen die technologie goed kunnen uitleggen aan de cliënt. Studenten van het hbo en roc worden tijdens hun stage bijvoorbeeld ingezet om technische uitleg aan cliënten te geven. Dat gaat heel goed en de cliënten vinden het fantastisch.”

Is het denkbaar dat in de toekomst de zorg deels wordt overgenomen door mensen met een IT-achtergrond?

“Zorgen blijft mensenwerk; het zal meer een combinatie worden. Het goed inschatten van de zorg- en begeleidingsvraag is werk voor professionals. Aan de andere kant moeten verzorgenden nog meer vertrouwd raken met technologie. Verzorgenden/verpleegkundigen worden steeds meer opgeleid om anders te werken, te ondersteunen. Om niet alleen maar met hun handen te werken. Maar we zijn er nog niet, zowel in de opleiding als bij ons intern moet dit nog meer beklijven. Ons motto is ‘digitaal tenzij, mobiel tenzij’. Daarbij bieden we alle mogelijk hulp en ondersteuning.”

Hoe ziet in 2030 een dag van een verzorgende eruit?

“Die zal de dag beginnen met op de tablet te kijken wat het programma zal zijn en daarna cliënten gaan bezoeken. Ook dan zal een groot deel van de ochtend nog bestaan uit mensen ondersteunen, dat wat we nu ook doen. Tussendoor komt er vast een melding over mensen die niet-geplande zorg nodig hebben. De middag zal meer in het teken staan van mensen nieuwe dingen leren. Van intake- en evaluatiegesprekken, kijken wat cliënten zelf kunnen en waar behoefte aan is. Alles met de oprechte interesse die een verzorgende nu eenmaal heeft: ‘hoe gaat het met u, redt u het’. En dankzij de tablet zal de medewerker veel minder tijd kwijt zijn aan administratie.”

Wil iedere verzorgende wel digitaal vaardig zijn?

“Er is zeker een groep die dat spannend vindt. Al voor corona had iedere medewerker bij ons een tablet of mobiele telefoon. Dat heeft ons erg geholpen de afgelopen tijd. Niet iedereen is even digivaardig. Dat geeft niet want dat kun je leren en dat daar helpen we bij, onder meer via onze digicoaches. We willen niet dat vanwege digitalisering een groep afvalt. Er is straks een enorm tekort op de arbeidsmarkt, we hebben iedereen nodig.”

"De cliënt van de toekomst zal heel duidelijk de eigen regie willen behouden"

Tessa geeft een herinnering voor bijvoorbeeld de medicijninname en speelt bovendien de favoriete muziek van de gebruiker af.

De Technologie &

Zorg Academie

Carintreggeland had in het verleden een eigen ‘huis van de toekomst’: een modelappartement met allerlei hulpmiddelen en technische snufjes. Sinds vijf jaar zijn delen van dit appartement onderdeel van de Technologie en Zorg Academie (TZA). Vanwege corona kan het appartement nu uitsluitend online worden bezocht. Cliënten van Carintreggeland kunnen de TZA hulpmiddelen aanschaffen via De Ledenservice. Soms kan dat tegen gereduceerd tarief. Eventueel worden de middelen deels vergoed door de zorgverzekeraar.

Deel dit artikel